Komt de galg terug naar Noord?

Het is met afstand de meest historische plek van Noord. Het galgenveld. Rembrandt stak er het IJ voor over. Anno nu willen we er niet meer van weten. Zand erover, nooit meer over praten. Is het niet hoog tijd om het verleden op te graven?

Het galgenveld lag op ‘de Volewijck’, zo ongeveer waar toren Overhoeks staat. Voor de stad Amsterdam was het jarenlang een plek ter afschrikking en vermaak. De lichamen van de ter dood gebrachten bungelden er op het galgenveld. Een misverstand is dat de landtong van de Volewijck werd uitgekozen omdat die afgelegen zou liggen. Niets is minder waar. De plek nabij de huidige Tolhuispont was destijds nog prominenter en opvallender dan ie nu is. Schiphol bestond nog niet, zomin als de ring A10. Het IJ was voor de drukke scheepvaart dé toegangspoort van Amsterdam. A-categorie zichtlocatie zouden billboardverkopers nu zeggen.

Tegenwoordig vinden we een galgenveld luguber, maar in die jaren (1360 tot 1795) was het een topattractie, een lunapark van galgen en raderen. Het pronkstuk van het galgenveld was de leeuwenput, een stenen galgenput met drie zuilen waarop gebeeldhouwde leeuwen brulden.

De stad Amsterdam was trots op het galgenveld. Het stond voor autonomie en heerlijkheid. Bovendien was ’t een spannend uitje voor het hele gezin. Ruim tweehonderd jaar later denken we daar heel anders over. En schamen we ons er zelfs voor, net als voor de slavernij.

Rembrandts elsje

Dus hebben we elke herinnering aan die ruim vierhonderdjarige (!) geschiedenis uitgewist. Geen straat, geen steeg of plantsoentje herinnert eraan. O ja, aan het begin van de twintigste eeuw moet er nabij het Tolhuis kortstondig de Galgenweg zijn geweest. Op verzoek van zwembadexploitant Badhuis Obelt werd deze naam omgedoopt in het frisser klinkende Badhuisweg.

Met de komst van de nieuwe woonwijk Overhoeks lag de kans op historische rechtdoening op een presenteerblaadje. (Trouwens, ook de nu geheel verdwenen naam Volewijck zou zijn officiële plek in Noord verdienen). Maar het enige dat gebeurde was dat de naam van Badhuisweg veranderde in het beter klinkende Badhuiskade, aangevuld met de namen van moderne buitenlandse havengebieden.

Prima hoor, maar waarom mag er niets herinneren aan die belangrijke episode uit de Amsterdamse geschiedenis? In talloze provinciesteden (bijvoorbeeld Vlissingen, Beverwijk en Nijmegen) memoreren ze hun galgenverleden zonder gêne.

Dit is dan ook een pleidooi voor het memoreren van de galg in de straatnamen van de wijk Overhoeks – die wat mij betreft kan worden omgedoopt in Volewijck. Met uiteraard een Galgenveld, Galgenweg én Galgenkade. Nog beter zou zijn als we de fraaie leeuwenput herbouwen. Natuurlijk niet om er een macabere plek van te maken, maar juist om daar op gepaste wijze onze veranderde houding ten aanzien van de doodstraf en mensenrechten te benadrukken. De leeuwenput zou dan moeten worden opgedragen aan de door Rembrandt vereeuwigde ‘Elsje Christiaens’, het bekendste slachtoffer van het galgenveld.

Qua locatie is de ruimte tussen de toren Overhoeks en het voormalig Grootlab (nu: A-lab) het meest geschikt. Eventueel met een klein museum/ bezinningscentrum voor mensenrechten (idee: een coproductie van Amsterdam Museum, Amnesty en TorenOverhoeks-24Amsterdam?). Ik denk dat de exploitanten nergens bang voor hoeven te zijn, de leeuwenput zal eerder massaal toeristen aantrekken dan afstoten. Net als toen… Kortom, geef Noord z’n galg terug!

Reacties


ilovenoord