Noordboek van de maand: Thomas Möhlmann – Waar we wonen

Noord kent meer literair talent dan je wellicht zou denken. Zo woont dichter Thomas Möhlmann al jaren in Noord, op het randje van Floradorp. In oktober kwam zijn nieuwe bundel uit, een bundel waarin zijn tuin een belangrijke rol speelt.  Ik lees niet veel poëzie. Misschien omdat ik het zo moeilijk  vind er iets zinnigs over te zeggen. Iets spreekt me aan, ik vind iets mooi of niet. Daar blijft het bij. Vooral wanneer iets me niet aanspreekt. Dan ligt een bundel maar geprakte bomen te wezen en knaagt er in mij een schuldgevoel.  

Maar de nieuwe bundel van Thomas Möhlmann is een must: een in Noord woonachtige dichter en een aardige jongen bovendien. Ik las hem en was verkocht. Ik heb zelfs besloten erover te schrijven. Omdat ik het mooi vind. Sterker nog, prachtig, en ik vind dat iedereen het moet lezen. Maar hoe overtuig ik je daarvan?

Waar we wonen begint met het gedicht Afspraak.

afspraak

Afspraak

We maakten een afspraak
waaruit miljoenen afspraken groeiden

iemand wees naar een steen en zei steen
iemand velde een boom en zei hout

de afspraken spoelden over de wereld
en plantten zich onophoudelijk voort
sponnen ons in een wereld van afspraken in

iemand wees naar het vuur en zei vuur
iemand bakte een dier en zei vlees

de afspraken spoelden over de wereld
plantten zich onophoudelijk voort, sponnen
ons in een wereld van afspraken in

iemand wees naar de sterren en zei
ik zal voor altijd bij je blijven.

Ik lees Afspraak als een soort voorwoord, een programma dat later in de bundel wordt uitgewerkt. Afspraak gaat over taal, dat lees ik er tenminste in. Over hoe we met taal de wereld om ons heen bevatten, de werkelijkheid wordt erdoor meer van ons. Veiliger misschien. We kunnen er vuurtjes maken, vlees bakken en samen naar de sterren kijken, we voelen ons er thuis. Dat lees ik ook in de gedichten erna. Er wordt een thuis gemaakt, van huis, mens, wereld.  Zelfs sneeuw en schutting beginnen hun dingheid te verliezen en worden haast gezellig:

zonder reden houdt de dunne laag sneeuw/die blijft liggen op de nutteloze platte/reep hout boven op de schutting precies/ die platte reep hout warm en droog

thomas02Er worden meer vuurtjes gestookt, er wordt liefgehad, er worden kinderen gekoesterd in hun dagelijkse bezigheden (naar huis, je zoon zelf nog de pyjamabroek/weer om de billen trekken na de laatste plas/voor het slapengaan…).

Maar hoe veilig de wereld ook is, ingesponnen in alle afspraken, er blijft de spanning tussen taal en werkelijkheid. Er wordt verlangd, gemist, weggedroomd. Er worden vogels in te kleine kooien gestopt, er wordt onheilspellend getik waargenomen. De wereld ontsnapt aan de taal. De macht van mens over wereld blijft beperkt.  Behalve wanneer de wereld een globe is geworden, die Momo kan met zijn vinger kan draaien en stoppen. Dan komen wereld en taal bij elkaar. …hier. /En hier. En hier. En hier. En hier.

En dan de taal van de gedichten zelf. Ritmisch, vol herhalende klanken, alliteraties, maar nooit komt het gekunsteld over. Alsof de taal uit de werkelijkheid zelf naar boven borrelt.

Zo prachtig.

Lot Douze van Boekhandel Over het water bespreekt elke maand een boek met een Noord-link

Reacties


ilovenoord